Consult
10 januari 2017
Wat verandert er op 1 januari?
Wat verandert er op 1 januari?

Wat verandert er op 1 januari?

De sociale en juridische wetgeving wordt frequent aangepast. Door de technische, vaak complexe natuur van deze veranderingen wordt het soms moeilijk voor werkgevers om het overzicht te behouden. Daarom brengt Annelies Baelus, Director Opleidingen bij Acerta Consult, u in duidelijke taal op de hoogte van de belangrijkste wijzigingen van de komende maand.

1. Minimumleeftijd vervroegd pensioen

De minimum leeftijd voor vervroegd rustpensioen wordt vanaf 1 januari 2017 opgetrokken naar 62,5 jaar. Werknemers zullen dan wel een loopbaan moeten kunnen aantonen van 41 jaar. Voor mensen met een lange loopbaan (42 of 43 jaar) geldt ook in 2017 een uitzondering. Zij mogen nog in vervroegd rustpensioen gaan respectievelijk vanaf hun 61ste of 60ste verjaardag.

Minister Bacquelaine werkt ondertussen nog naarstig verder aan een pensioenregeling waarbij de studiejaren kunnen afgekocht worden, ook wanneer de studies meer dan 10 jaar geleden beëindigd zijn.  Door deze afkoop tijdelijk goedkoper te maken in de periode 2017-2020, hoopt hij zo een heleboel mensen te overtuigen om deze studiejaren alsnog af te kopen en zo hun jaarbedrag pensioen te verhogen. De afkoop zal echter geen wijziging aanbrengen aan de pensioenloopbaan, enkel het pensioenbedrag zal hierdoor kunnen wijzigen !  Deze laatste maatregel zal echter in januari 2017 in voege treden, onder voorbehoud van tijdige goedkeuring en publicatie.

2. Vlaamse premie aanwerving langdurig werklozen

Sinds 1 juli 2016 is het doelgroepenbeleid in Vlaanderen grondig hervormd. Een van de maatregelen was dat de federale doelgroepenkorting (Activa-korting) voor werkgevers die langdurig werklozen aannemen, vanaf 1 januari 2017 niet meer aangevraagd kan worden.

Na enig aarzelen, heeft de Vlaamse regering toch beslist dat er vanaf 1 januari 2017 een vervangende incentive moet gegeven worden aan werkgevers die deze kwetsbare groep werknemers aanwerven.

Vanaf 1 januari 2017 kan een werkgever een premie aanvragen wanneer hij een langdurig werkloze aanwerft in een exploitatiezetel die in het Vlaams gewest ligt. De werkloze moet minstens 2 jaar werkzoekend zijn en moet tussen 25 en 54 jaar oud zijn. Het zou gaan om een bedrag van 1.250€ bij (voltijdse) aanwerving en een bijkomend bedrag van maximum 3.000€ na minstens één jaar tewerkstelling. In ruil voor deze premie moet de werkgever deze langdurig werkloze aannemen met een contract van onbepaalde duur. Hierop zijn echter uitzonderingen voorzien. De premie wordt aangevraagd bij het departement Werk en Sociale Economie via een online toepassing. Deze regeling gaat van start op 1 januari a.s. onder voorbehoud van tijdige publicatie van deze regelgeving.

3. Loonindexatie - loonnorm

In PC 200 (administratieve bedienden) worden de lonen per 1 januari 2017 geïndexeerd. Andere sectoren waarvoor de lonen in januari geïndexeerd zullen worden zijn bijvoorbeeld de transport-, voeding-, horeca-en schoonmaaksector.  De wet op de loonnorm voorziet eens te meer dat indexeringen en baremieke verhogingen ook de komende jaren buiten de loonnorm zullen blijven. Deze indexaanpassingen bepalen dus niet mee of een werkgever de loonnorm al dan niet overschreden heeft. Het niet overschrijden van de loonnorm wint aan belang voor werkgevers, omdat de regering aangekondigd heeft dat zowel de bestraffing als de controle op de overschrijding van de norm,  nauwkeuriger zal opgevolgd worden in de komende jaren.

4. Studentenarbeid – 475 uren en wijziging Dimona

Een student die vanaf 1 januari 2017 zal werken, moet door de werkgever in uren in plaats van in dagen aangegeven worden in de Dimona. Bovendien wijzigt het ‘studentencontingent’ van 50 dagen naar 475 uren vanaf 1 januari.

5. Patronale bijdragen op de aanvullende vergoeding SWT

De patronale bijdragen op de aanvullende bijdrage SWT (Stelsel van Werkloosheid met Bedrijfstoeslag) worden duurder voor SWT dat ingaat na 1 januari 2017 en waarbij de opzeg of verbreking werd betekend na 31 oktober 2016.
Deze patronale lasten worden opgetrokken met 20% voor de profit en 125% voor de non-profit. Dit is een financiële maatregel die al enkele keren toegepast werd gedurende de voorbije jaren.

Meer weten?

Contacteer ons.